“Je hebt geen honger,” zei ik tegen de man die me zojuist om wat te eten had gevraagd. Hij was vel over been, stond te zwaaien op zijn benen en zijn lichaam verspreidde een sterke acetongeur.  De man keek me bedremmeld aan.

“Ik heb geen honger?” zei hij.

“Nee,” zei ik. “Het is een truc van je gedachten; die vertellen je dat je honger hebt, dat je moet eten om in leven te blijven.” Ik pakte een broodje van de schaal die voor me op de tafel stond, besmeerde het dik met verse, lichtgele roomboter en nam een hap. Even genoot ik van het rulle, nog warme brood; het was net daarvoor uit de oven gekomen – knapperig vers. De man keek in wanhoop toe en zijn fatsoen belette hem om het brood uit mijn handen te grissen. In zijn mondhoek verscheen een speekselbelletje. Het vergrootte mijn genot immens.

Om hem heen stonden nog meer magere, hongerige mensen. Bijna allemaal keken ze naar mijn handen en het brood, op enkelen na die hadden geleerd om te kijken naar dat waarnaar het brood en mijn handen wezen.

“Maar jij eet nu toch?” zei de man. “Omdat je honger hebt?”

Ik slikte de verrukkelijke hap brood door en lachte.

“Ik heb geen honger,” zei ik. “Ik weet dat er altijd vers en heerlijk voedsel voor me is en dat de gedachte aan tekort of gebrek alleen maar dat is, namelijk een gedachte.”

De man dacht even na, terwijl hij zijn ogen niet van mijn handen kon afhouden; mijn handen die soepel en beheerst een nieuw, vers stuk brood afbraken en besmeerden met nog meer roomboter.

“Dus dat ik honger heb, is niet waar omdat het slechts een gedachte is?”

“Precies. Het is een illusie. In werkelijkheid is er geen honger; er is alleen de gedachte ervaring van honger. Je lichaam reageert dienovereenkomstig en daarom ben je ervan overtuigd dat je honger hebt.”

Ik zweeg even en sloot mijn ogen om ten volle te kunnen genieten van nog meer vers brood. “Kijk,” vervolgde ik. “Honger is een keuze. Net als verzadiging. De mensheid gaat ten onder aan haar eigen ideeën van gebrek en tekort.” Ik bedacht tezelfdertijd dat ik daar mijn volgende boek over zou kunnen schrijven. ‘De illusie van honger’. Dat zou wel eens een internationale bestseller kunnen worden: iedereen wilde tegenwoordig weten hoe de illusie van een persoonlijke honger doorgeprikt kon worden.