Eindelijk alleen. Frans was hals over kop vertrokken, nadat hij zich had verslapen. Marcella zette koffie en kroop met een blocnote en pen in een hoek van de bank. Haar hoekje, waar het crèmekleurige kussen meer versleten en gedeukt was dan de andere. Ze glimlachte. Frans versliep zich nooit, en vandaag moest hij naar Londen. Hij werkte als salesmanager bij een bedrijf dat innovatieve hangmapsystemen voor kantoren maakte, en zijn collega Hans en hij hadden de kans om in Engeland een flinke deal te sluiten. Belangrijk dus. Daarom was het des te schrijnender dat hij zich juist vandaag had verslapen en pas wakker was geworden toen Hans bij hun boerderijtje stond aan te bellen. In blinde paniek had hij het douchen overgeslagen, zijn tanden niet gepoetst en razendsnel wat ondergoed en zijn toilettas in een koffer gepropt, waarna de mannen snel waren vertrokken. Ze moesten hun vlucht halen om niet te laat voor de eerste afspraak die middag in Londen te zijn. De diners en vervolgafspraken meegerekend, zouden ze drie dagen in Londen blijven. Marcella vond het lekker om het huis een paar dagen voor zichzelf te hebben. Ze had deze drie dagen vrij genomen, maar had het in de haast niet kunnen vertellen aan Frans, die nu zo ongeveer op het vliegtuig zou stappen. Hij zou haar bellen of een sms sturen als hij in Londen was.

Marcella was van plan de computerkamer te schilderen. Ze hoopte dat het zou lukken voordat Frans weer thuis was; zodat ze hem kon verrassen. Hun relatie kon wel een oppepper gebruiken. Ze keek op het schrijfblok, waar ze de maten van de computerkamer had genoteerd, en schreef op wat ze nodig had. Lichtgele verf voor vijftig vierkante meter muur, een potje zachtbeige voor de plinten, en een emmer witte Latex voor het plafond. Ze zou eerst schilderen en daarna de rest van het huis schoonmaken, dan was het verfwerk mooi droog als Frans thuiskwam. Toen ze aan haar tweede kop koffie bezig was, kreeg ze een sms.

Gehaald! Gaan nu aan boord bel vnaaf.

Love you F

Hardwerkende Frans. Ze waren nu vier jaar bij elkaar en Marcella was er inmiddels aan gewend dat hij vaak moest overwerken, veel zakendiners had en soms in een hotel overnachtte. Ze vond wel dat het tijd werd dat hij eindelijk eens werd beloond voor zijn inzet. Hij verdiende erg goed, en met haar eigen salaris – dat ze verdiende als directiesecretaresse – erbij konden ze prima rondkomen. Toen ze hem een paar weken geleden ernaar vroeg had hij gezegd dat het allemaal investering voor hun toekomst was: het zou vast niet lang duren voordat hij een promotie kreeg. Daar vertrouwde ze dan maar op.

Ze douchte, kleedde zich aan en bleef even staan kijken naar de overtrek van het donsdek: zachtgroene bamboescheuten en rietstengels. Met een glimlachje liet ze het bed voor wat het was: Marcella vond het heerlijk om het bed onopgemaakt te laten als Frans niet thuis was. Voordat hij terug was zou ze het wel verschonen. Frans was een control freak, en werd chagrijnig als alles niet perfect was opgeruimd. Dat was in de loop van de vier jaar zo gegroeid. In het begin van hun relatie vond hij alles leuk en goed wat Marcella deed, maar langzamerhand ging hij steeds meer eisen stellen. Ze deed het eigenlijk nooit echt goed genoeg voor hem, en dat vrat aan haar. Toch hield ze van hem en hij had één eigenschap die ze heel belangrijk vond: Frans was trouw. Hij had geen goed woord over voor ontrouw en sprak regelmatig zijn afschuw uit over mensen die de boel bedonderden.

Ze reed naar de bouwmarkt en kocht haar benodigdheden: verf, bakjes, kwasten en rollers. De bouwmarktmedewerker was een gladakker met een matje als kapsel, die in haar bloes probeerde te gluren. Marcella was een mooie meid en had aan sjans geen gebrek, maar ze was er niet van gediend. Ook zij was heel trouw: dat vond ze belangrijk. En ze was blij dat Frans er net zo over dacht. Als ze zijn verhalen hoorde over collega’s die hun hotelovernachtingen voor heel andere dingen gebruikten dan slapen of vergaderingen voorbereiden, was ze blij dat hij altijd even belde als hij ergens moest overnachten en dat ze erop kon vertrouwen dat hij alleen in het vreemde hotelbed lag. Ze had het wel eens anders meegemaakt en zou dat niet nog eens opnieuw kunnen verdragen. Ze nam zijn veeleisende karakter op de koop toe. Hij vond zichzelf helemaal prima en had voortdurend zijn oordeel klaar over anderen. Frans mocht zichzelf graag the man noemen. Met haar spullen ging ze terug naar huis, trok een oud trainingspak aan en begon te schilderen. Ze kwam niet zo vaak in de computerkamer: het was eigenlijk Frans zijn domein. Als zij haar eigen laptop gebruikte zat ze altijd aan de keukentafel of op de bank. Ze haalde de ministereo-installatie uit de slaapkamer en zette die op de overloop zodat ze tijdens het werk naar de radio kon luisteren.

Marcella sopte de muren en plinten met water en ammoniak, roerde de verf goed door en dronk een kop koffie terwijl ze wachtte tot alles droog was.

That’s the way, uh huh, uh huh, I like it, zong ze met K.C. and the Sunshine band mee. Oude muziek, meer uit de tijd van haar ouders, maar ze vond het wel lekker klinken. Ze werkte stevig door en na twee uur had ze anderhalve muur klaar. Dat ging snel. Ze kreeg een beetje hoofdpijn van de verflucht en zette een raam open. Op de maten van Cristina Aguilera’s Oh Mother werkte ze de tweede muur af. Haar hoofdpijn nam nog een tikje toe en ze besloot even te pauzeren. Ze dronk een kop thee en at een boterham met kaas; lekker dik besmeerd met boter. Helaas werd de hoofdpijn niet minder. Het begon een irritant gebonk in haar slapen te worden. Ze wilde die kamer liefst vandaag geschilderd hebben, dus nam ze twee aspirines en ging verder. Nadat ze de derde muur ook klaar had, zette ze de stereo uit: het geluid hinderde haar en de hoofdpijn bleef zeuren. In stilte werkte ze verder aan de laatste muur. Ze had er al niet meer zoveel plezier in als toen ze begon, maar ze wilde het hoe dan ook klaar krijgen. Als ze stevig doorwerkte, kon ze vanmiddag de plinten en kozijnen doen en dan was het klaar. Daar had ze afplaktape voor nodig, en dat was ze nou net vergeten mee te nemen toen ze verf ging halen. Ze liep naar de schuur en doorzocht het oude dressoir wat daar stond: geen tape. Ze dacht een tijdje na of er ergens in huis een rol tape zou kunnen liggen. Ze had weinig zin om opnieuw naar de bouwmarkt te gaan als het niet echt nodig was. De zolder, bedacht ze ineens; misschien lag daar tape. Ze kwam daar nooit, en vond het een vervelende plek. Dat had ze meermalen tegen Frans gezegd, die haar erom uitlachte.

“Ik vind het verschrikkelijk op zolder en ik denk telkens dat ik een vette spin tegenkom,” had ze tegen hem gezegd.

“Ja, die kom je daar waarschijnlijk ook wel tegen,” had hij geantwoord. “Het stikt er van de spinnen.”

Zelf kwam hij er regelmatig omdat hij een voorraad van zijn werkspullen op de zolder had staan: demonstratiemateriaal, presentatiemappen en wat dozen met brochures. Ze besloot om toch even te kijken. Als ze een spin zou zien, was ze weer weg. Maar misschien lag er tape. Marcella liep de smalle trap op en opende de deur van de zolder. Haar plastic handschoenen hield ze aan. Ze moest er niet aan denken dat er een spin op haar handen terechtkwam.

De zolder besloeg een groot deel van het huis en behalve Frans’ werkspullen stonden er een nooit gebruikte hometrainer, een oude televisie een boekenkast met wat vergeten titels. Op de vloer lag een grote kokosmat. Het was er doodstil en benauwd, wat haar hoofdpijn niet bepaald verminderde. Marcella keek rond en probeerde te bedenken waar eventueel een rol afplaktape zou kunnen liggen. Frans had ooit, jaren geleden de wanden op zolder geschilderd, dus wellicht lagen hier nog wat spullen uit die tijd. Ze zocht tussen een paar dozen, waarbij ze scherp oplette of ze spinnen zag. Na wat rommelen en zoeken was ze enigszins gerustgesteld. Er waren hier geen spinnen. Ze durfde haar handschoenen nu wel uit te trekken. Een van de dozen waar ze in keek, bevatte oude schriften van haar waarin ze recepten en kattebelletjes had verzameld. Een beetje kinderlijk, vond ze nu, maar wel leuk om weer eens te zien: ze was die dingen helemaal vergeten. Ze bladerde door een van de schriften en schrok zich wild toen er ineens een gedempt gezoem klonk achter haar. In haar verbeelding zat er een enorme spin zoemend te wachten op het moment dat zij zich omdraaide. Ze riep zichzelf tot de orde en draaide zich – toch bang – om. Niets. Het gezoem klonk drie keer kort en hield toen op. Ze kende het geluid ergens van maar het schoot haar niet te binnen waarvan. Toen het geluid opnieuw drie keer kort klonk, wist ze het: haar mobiele telefoon op de trilstand. Maar hoe kon het dat ze die hier helemaal hoorde? Het ding lag beneden in de huiskamer en bovendien stond het geluid gewoon aan. Waarschijnlijk had ze het zich gewoon verbeeld. Ze bladerde nog wat in een paar schriften, zocht met haar ogen de zolder af en besloot dat daar geen afplaktape lag. Ze zou terug moeten naar de bouwmarkt.

Net toen Marcella terugliep naar de trap begon het gebrom weer: nog steeds gedempt, maar duidelijker dan daarnet. Ze draaide haar hoofd in de richting van de boekenkast waar het geluid vandaan kwam maar kon niets bijzonders ontdekken. Ze liep naar de kast en keek naar de oude boeken die ze ooit eens had gelezen en waar ze al jaren niet meer naar omkeek. Romans van Konsalik, een encyclopedie en wat tijdschriften. Het gezoem klonk opnieuw en ze schrok omdat het vlakbij was. Ze bukte zich en keek op de onderste plank. Achter een paar sierpotten lag een oude, juten tas waarvan ze zich niet kon herinneren die ooit eerder te hebben gezien. De tas lag in een opgerolde prop op de plank achter de bloempotten en als ze niet had gebukt had ze hem nooit gezien. Ze pakte de tas op, rolde hem open en liet hem van schrik bijna uit haar handen vallen toen niet alleen het gezoem opnieuw klonk maar ze ook de tas in haar handen voelde trillen. Ze opende de tas en keek er in. Onderin de verder lege tas lag een mobiele telefoon. Het trillen was weer gestopt en Marcella pakte telefoon uit de tas. Een eenvoudig model; zwart. Marcella staarde er een tijdje naar en probeerde helderheid te krijgen in de veelheid van gedachten die haar door het hoofd gingen. Haar hoofdpijn begon serieuze vormen aan te nemen. Ze ging op de grond zitten en legde het mobieltje voor zich neer. In een snelle opeenvolging schoten er een paar verklaringen door haar hoofd, van het vergoelijkende het is vast een extra mobieltje voor zijn werk tot het ronduit naïeve misschien is het bedoeld als verrassing voor mij. Allemaal onzin natuurlijk: het mobieltje lag goed verstopt, dus het lag daar om een reden die niet bedoeld was om te worden ontdekt. En Frank was niet iemand van leuke verrassingen. Precies op het moment dat ze dat dacht begon het ding opnieuw te trillen en als ze het in haar handen had gehad, was het zeker gevallen. Nu trilde het op de kokosmat. Het miniatuurschermpje lichtte op en er stond een telefoonnummer dat ze niet kende. Ze wachtte tot het mobieltje weer stil viel en pakte het toen op. Het was een dicht model. Ze klapte het open en keek op het display. Het pictogram van een enveloppe met het cijfer 9 erachter, en daaronder een pictogram van een telefoonhoorn met het cijfer 1. Negen sms’jes en één oproep. Ze twijfelde. Als ze de sms’jes ging bekijken moest ze Frank confronteren met haar vondst. En ze wist niet zeker of hij te kwader trouw had gehandeld. Marcella wilde niet de indruk wekken dat ze hem bespioneerde. Aan de andere kant was ze ook helemaal niet aan het spioneren maar naar boven gegaan om afplaktape te zoeken.  

Ze liet de telefoon op de vloer van de zolder liggen en ging naar beneden. Het schilderwerk was ze compleet vergeten. In de keuken schonk ze een cola in en plofte op de bank. Haar hoofd bonkte een dreunend ritme, en ze was misselijk. Het deed pijn om haar hoofd te gebruiken maar ze wilde hoe dan ook de tijd nemen om na te denken. Wat moest ze doen? Ze hadden geen geheimen voor elkaar. Althans, dat had ze altijd gedacht. Nu wist ze het niet meer zo zeker. Waarom lag die telefoon daar verstopt? Na een kwartier hield ze het niet meer uit en ging opnieuw naar de zolder. Ze ging op de grond zitten, klapte de telefoon open en drukte op de berichtentoets. Het laatste bericht was ruim twintig minuten daarvoor binnengekomen, toen ze op de zolder was. Een nummer dat ze niet kende: geen naam. Nerveus en zweterig opende ze het bericht en las. Haar wereld stortte ineen.

Hey lekker ding. Waar ben je? Ik krijg je niet te pakken.

Xxx Sab

Sab. Sabine? Sabrina? Marcella staarde een paar minuten roerloos naar het schermpje. Ze had het gevoel dat ze moest overgeven. Kon dit werkelijk gebeuren? Het kon gewoon niet waar zijn. Niet haar vent, verdomme.

Ze liet het mobieltje vallen en wiegde naar voren en achteren, zittend op de zoldervloer. Ze hoorde een gejammer waarvan ze ergens in de verte registreerde dat het van haar kwam. Ze klemde haar armen om haar buik, als een kind dat buikpijn heeft. Zo zat ze een tijd, misschien een half uur. Daarna kwam ze langzaam tot rust en begon na te denken. Er moest hier een misverstand in het spel zijn: ze kon zich gewoon niet voorstellen dat Frans dit in zich had en dat voor haar zou kunnen verbergen. Ze was niet dom, doorzag mensen snel en ze beschikte over een scherpe intuïtie. Ja, hij was een egoïst, dat zag ze ook wel. En hij was overheersend. En een control freak. Er was genoeg op hem aan te merken en vooral de laatste tijd was het niet echt gezellig met hem. Maar een geheime liefde? Frans die al begon te schelden als hij in een tijdschrift iets over vreemdgaan las. Er moest iets anders aan de hand zijn, en ze begon zich al te schamen over haar achterdocht.

O ja? En wat te denken van de keren dat hij te moe was om te vrijen? Dat is al maanden aan de gang. Een tijd geleden kreeg hij ineens een heel andere smaak van kleding, steeds vaker overwerken, overnachten …

Ze probeerde de stem in haar hoofd te negeren. Dat ze het mobieltje had geopend en het bericht gelezen, gaf haar een nare smaak.

Maar het klopte wel, wat het stemmetje zei. Ze vrijden bijna niet meer omdat hij altijd moe of druk was, en toen hij vorig jaar nieuwe kleding ging kopen, kwam hij thuis met broeken en shirts waarvoor ze hem eigenlijk te oud vond. Hij moest inderdaad ook steeds vaker overwerken en elders overnachten.

Ze dacht diep na om tot een bevredigende verklaring te komen. Natuurlijk zou ze Frans er naar vragen, maar ze wilde logisch nadenken, verstandig zijn.

Slim.

Ineens schoot haar iets te binnen. Hij moest dit mobieltje waarschijnlijk gewoon bewaren voor een vriend die vreemdging. Vast voor Hans: die zat altijd naar haar borsten te kijken als hij Frans kwam ophalen. En Frans was iemand die nooit een vriend zou laten stikken, dus als Hans hem had gevraagd het mobieltje in bewaring te houden zodat zijn vrouw er niet achter kwam … Het verdiende hoe dan ook geen schoonheidsprijs, maar de gedachte stelde haar enigszins gerust.

Toe maar meid: praat het maar van je af. Vergoelijk het maar en hou jezelf lekker voor de gek. Hij neukt gewoon buiten de deur: ben je achterlijk of wat?

Het stemmetje van twijfel in haar dreunende achterhoofd draaide ze resoluut de nek om. Het kon niet anders dan dat dit de enige juiste verklaring was. De neiging om ook de andere berichten nog te lezen was sterk maar ze bedwong zichzelf. Het was niet haar zaak, ze hoorde hier niets van te weten. Als Frans thuiskwam uit Londen zou ze er met hem over praten en hem adviseren de telefoon aan Hans terug te geven: die moest zijn eigen stiekeme zaakjes maar zelf regelen. Ze klapte de telefoon dicht, rolde hem in de juten tas en legde die achter de bloempotten. Zo stelde ze zichzelf gerust. Niet helemaal, maar net voldoende.

Eindelijk begon haar hoofdpijn een beetje te zakken. Ze zette de radio op de overloop weer aan en ging verder met het laatste stukje muur. Morgen zou ze afplaktape halen. Marcella was trots op zichzelf: ze had zich uiteindelijk toch niet laten verleiden tot een oordeel op basis van wat hoogstwaarschijnlijk een misverstand zou blijken. Toen ze de muren klaar had, maakte ze de roller, kwast en het verfbakje schoon en bestelde een pizza. Heerlijk vond ze dat: niet koken als ze alleen thuis was, en dan het P-voedsel in onfatsoenlijke hoeveelheden naar binnen werken: pizza, patat of pannenkoeken. Eten waar Frans met minachting naar keek: hij was van de groenten, het fruit, veel water drinken en sporten.

Het is niet alleen het eten waar hij minachtend naar kijkt, en dat weet je best.

“Oh shut up,” zei Marcella tegen de stille huiskamer.

Na het eten belde Frans. Hij klonk gejaagd en vertelde dat Hans en hij een goede vlucht hadden gehad. Het gesprek met de Engelse zakenmensen was uitstekend verlopen. Marcella betrapte zich erop dat ze het fijn vond dat hij weg was en jammer dat het maar voor drie dagen zou zijn. Ze vertelde niets over het schilderwerk; dat was immers een verrassing, en dus ook niet dat ze een paar vrije dagen had. Ook luisterde ze scherper dan anders naar zijn stem.

“Maar goed, ik moet me even opfrissen,” zei Frans. “We eten straks met een paar grote jongens van zo’n Engelse kantoorartikelenfirma. Red je het een beetje zo zonder mij?”

“Ja hoor, dat gaat prima.”

“Goed zo. Geen stoute dingen doen en goed eten hè?”

Marcella schonk een glas rode wijn in en bladerde in een tijdschrift over wonen op het platteland. Mooie foto’s van bloemrijke borders, tuinterrassen en heesters. Het kon haar niet boeien en ze werd hoe langer hoe ongeduriger. De twijfel begon ondanks alles weer toe te slaan. In haar fantasie beleefde Frans allerlei avonturen die hij thuis niet zou vertellen. Ze wist dat ze zichzelf het hoofd op hol joeg maar kon het niet tegenhouden. Geen stoute dingen doen. Wat had hij eigenlijk in gedachten? Zoals de waard is? Ze sprak met zichzelf af dat ze sowieso niet meer in het mobieltje zou kijken.

Dat hield ze precies een uur vol. Toen smeet ze het tijdschrift op de tafel en liep naar de zolder. Even aarzelde ze toen ze de tas opnieuw had opengerold en met de mobiele telefoon in haar handen stond. Toen klapte ze het ding open en las de overige berichten: de nieuwe zowel als de opgeslagen. Het tweede bericht was van dezelfde schrijfster, met een soortgelijke tekst. Het volgende was van een andere vrouw, Ilona, met de tekst dat ze weer eens wilde daten. Marcella schudde haar hoofd. Wat een vetklep, die Hans. Toen opende ze het volgende bericht.

Franziepanzie, wanneer mag je weer overwerken? Hihi. Ik ga je opvreten als ik je zie, en raad eens waar ik begin te eten? LOL.

Love you,

Irene.

Als versteend bleef ze naar het bericht staren. Toen, alsof haar handen een eigen leven leidden, werkte ze achter elkaar de resterende berichten af: meer dan zestig in totaal, waarvan een paar expliciet de naam Frans of een verbastering daarvan bevatten. Er was geen enkel misverstand meer mogelijk. Dit was Franziepanzie zijn geheime telefoon, die hij goed had verstopt en waarvan hij was vergeten de trilfunctie uit te zetten. Waarom zou hij dat vergeten? En waarom lag het ding hier in huis? Wilde hij betrapt worden?

Het schoot haar te binnen dat hij zich had verslapen die ochtend, en zonder te douchen was vertrokken. Waarschijnlijk was hij de telefoon in zijn haast vergeten mee te nemen en zat hij nu te balen aan een diner met een paar bobo’s. Als hij überhaupt een diner met zakenmensen had. Marcella wist niet meer wat ze wel of niet kon geloven en haar slokdarm vulde zich met gal. Op een bepaald moment, tijdens het lezen van de berichten, was ze gestopt met huilen en voelde ze ook geen verdriet meer. In plaats daarvan vormde zich een stille woede. Haar Frans: altijd druk met werken. Ook thuis. Hij moest vaak op de zolder zijn. En zij was bang voor de hordes spinnen die daar volgens hem rondkropen.

Het liefst had ze het mobieltje onder haar hakken vertrapt, maar ze besloot om dat niet te doen. Ze wiste de nieuwe berichten en liet de oude staan. Ze had geen idee waarom ze dat deed, maar het was een ingeving en ze besloot er naar te luisteren. Toen deed ze het moeilijkste: de verzonden berichten bekijken. Hij had ze niet eens gewist, de sukkel. Haar stemming werd nog eens fijntjes op de proef gesteld toen ze las hoe hij tenminste zes vrouwen aan het lijntje hield met beloften over seks, uitjes en liefde. De klapper kwam bij het lezen van een bericht waarin hij ene Judith sms’te dat hij ‘nog wat dingen moest regelen thuis, maar dat hij binnenkort geheel tot haar beschikking zou staan.’

Haar verbijstering en woede waren compleet. Ze borg het mobieltje voor de derde keer die dag op en verliet de zolder met een leeg gevoel. Ze moest lang en diep nadenken en beslissen wat ze hiermee wilde doen.

Zoals altijd wanneer ze ergens niet goed uitkwam, pakte Marcella een blocnote en pen en rubriceerde haar bevindingen. Frans ging vreemd. Daar was geen twijfel over mogelijk en ze probeerde ook geen uitvluchten meer voor hem te verzinnen. Hij bedroog haar met minstens zes andere vrouwen. Ze vroeg zich af waarom hij zo onvoorzichtig was geweest om de telefoon op de trilstand te laten en bedacht verschillende redenen. Toen ze eenmaal het antwoord wist, was het simpel. De telefoon lag in een tas op de onderste plank van een boekenkast op zolder. Waar zij nooit kwam.

Ik vind het verschrikkelijk daar en ik denk telkens dat ik een vette spin tegenkom.

– Ja, die kom je daar waarschijnlijk ook wel tegen. Het stikt er van de spinnen.

Anders had hij het ding wel uitgezet zodat er een pincode nodig was om er in te kunnen kijken. Marcella kwam tot de conclusie dat het zijn arrogantie was, die hem zo onvoorzichtig had gemaakt: het kwam niet in Frans op dat iemand – zij – slim genoeg zou zijn om hem te betrappen. Frans minachtte graag anderen. Dat bleek maar weer eens. In zijn goddelijke alwetendheid was het geen moment in hem opgekomen dat zijn spelletjes ontdekt zouden worden.

Dat waren de feiten. Nu moest ze bedenken wat ze er mee wilde. Ze had in elk geval geen enkele twijfel over het einde van hun relatie en liet verschillende scenario’s aan zich voorbij gaan, van domweg haar spullen pakken en bij een vriendin of haar ouders intrekken zonder nog iets van zich te laten horen, tot een enorme scène schoppen als hij thuiskwam. Ze vond beide mogelijkheden niet bevredigend. Frans had haar een rad voor ogen gedraaid; misschien wel al die vier jaar lang. Marcella ging er althans van uit dat het niet iets van de afgelopen twee weken was. Ze wilde dat hij een koekje van eigen deeg zou krijgen, maar ze had werkelijk geen idee hoe ze dat moest doen. Bekaf en gapend sloeg ze het schrijfblok dicht, ging douchen en kroop in bed. Geheel tegen haar verwachting in viel ze snel in slaap. Haar laatste gedachte voordat ze in slaap viel was dat ze wraak wilde. Keiharde wraak. Hij zou hoe dan ook boeten voor zijn bedrog. Mister Perfect, met zijn oordeel over alles en iedereen.

* * *

Marcella stond vroeg op, verbeet haar pijn en verdriet en richtte zich op haar woede. Bloeden zou hij. Vier jaar lang had ze zich laten verneuken; vier jaar had ze hem vertrouwd en onvoorwaardelijk haar liefde gegeven. Nog een mazzel dat ze geen kinderen hadden. Het verven van de computerkamer kon wachten: ze wilde wraak. Aan het einde van de ochtend had ze een plan. Het rammelde nog aan verschillende kanten, maar in de kern was het een goed plan. Ze schaafde het hier en daar nog wat bij, schreef een to-do list en ging aan de slag. Eerst haalde ze het mobieltje van de zolder en controleerde of de batterij nog voldoende was opgeladen. Er stond nog één streepje op het schermpje: bijna leeg. Ze zocht de zolder en Frans’ computerkamer goed door maar kon nergens een oplader vinden. Met het mobieltje ging ze naar een telefoonshop, waar ze haar een passende oplader verkochten voor vijftien euro. Prima besteed, dacht ze. De bouwmarkt liep ze straal voorbij. Ze zou geen afplaktape kopen. Thuis legde ze de telefoon aan de lader en dacht na over een pakkende tekst. Ze verplaatste zich zo goed als ze kon in het bedrog van Frans en had uiteindelijk een sms-bericht op papier staan, dat ze zou gebruiken.

Hi sweety, woensdagavond 20.00 restaurant Rode Poon, Drijversweg 18, Looshout. Is verrassing, kan verder nog niets zeggen. Niet terug sms’en; beetje link nu. Als je niet kunt hebben we gewoon pech. Zie je hopelijk woensdag. Love, F.

De tekst had ze ontworpen op basis van wat ze in de antwoorden van Frans aan de vrouwen had gelezen. ‘Sweety’ was een woord dat meermalen voorkwam en ‘Love, F.’ gebruikte hij ter afsluiting van bijna alle berichten. Het ‘niet terug sms’en; beetje link nu’ had ze ook in twee berichten van hem zien staan. En de afspraken regelde hij per sms op zijn eigen, dwingende manier.

Haar tekst kwam helemaal geloofwaardig en ‘Fransachtig’ over. En anders was het pech hebben: van de zes vrouwen zouden er in elk geval hopelijk een paar komen opdagen.

Ze liet het bericht op papier staan, belde Visrestaurant “De rode poon” en reserveerde voor twee personen, woensdagavond om half acht. En hoe woedend ze ook was: tot haar verbazing had ze er nog lol in ook. Waarschijnlijk zou het echte verdriet later nog komen. Vervolgens verzond ze het sms-bericht aan de zes vrouwen met wie Frans zo goed als zeker iets had. Daarna belde ze Linda, haar vriendin, en vroeg of die zin had om langs te komen. Die beloofde er over een uurtje te zijn.

“Mijn hemel,” zei Linda. Ze had het verhaal van Marcella met stijgende verbazing aangehoord en zat haar nu met open mond aan te kijken. Marcella had haar nog niet over haar plan verteld.

“Wat ga je nu doen?” vroeg Linda.

“In elk geval een punt achter de relatie zetten.”

“You go, girl. Heel goed. Ik weet niet of ik zo resoluut zou kunnen zijn, maar ik geef je groot gelijk. Wat een hufter zeg.”

“Ja, en dan een grote mond over zijn collega’s die een slippertje maken. Maar goed, dit was het nieuws, en ik heb een plan. Ik wil je vragen of je daar aan wilt meewerken.”

Marcella zette haar plan uiteen. Tegen middernacht vertrok Linda met een lijst vol instructies en een grote grijns op haar gezicht.

“Weet je zeker dat je dit wilt?”

“Absoluut.”

“Dan gaan we er voor. Ik zorg voor mijn aandeel.”

Voordat ze naar bed ging, controleerde Marcella de mobiele telefoon. Twee van de zes vrouwen hadden toch een sms teruggestuurd, ondanks het verzoek dat niet te doen.

Hey lekkertje! Wat geheimzinnig. Ik ben er en trek wat spannends aan, haha. XXXXX C.

Goed zo meid, dacht Marcella, terwijl ze het volgende bericht opende. Trek jij maar wat spannends aan.

Nou nou, dat belooft wat. Ik moest toch echt even antwoorden, hihi. Ben er om 8u. Lvu!

Ze wiste beide berichten. Ineens begon ze te lachen. Door alle gedoe was ze totaal vergeten haar eigen mobieltje te checken. Het ding lag onder in haar tas. Ze keek op het schermpje en zag dat Frans twee sms’jes had gestuurd. De eerste om te melden dat hij de volgende dag, woensdag, rond vijf uur thuis zou zijn, en de volgende twee uur later, om te vragen of alles goed was. Frans kon er niet zo goed tegen als ze niet onmiddellijk reageerde. Ze stuurde een sms terug.

Hi schat, alles goed hoor. Had het even druk met van alles. Gezellig dat je er morgen weer bent. Heb een surprise voor je. XXX

Bijna had ze er Love you, F. onder gezet maar ze hield zich in. In gedachten ging ze alles nog een keer na: ze kon geen fouten in haar plan ontdekken. Onder de douche verbaasde ze zich opnieuw over haar stemming: ze stond te zingen.

Van de spanning kon ze moeilijk in slaap komen en toen dat eindelijk lukte, werd het een nacht vol woelen, draaien en dromen. Geradbraakt stond ze woensdagochtend om acht uur op. Na een uitgebreide douche en een paar koppen koffie voelde ze zich wat beter. Ze moest nog een en ander regelen. De plinten in de computerkamer liet ze voor wat ze waren: ze had geen enkele behoefte meer om daar nog iets op te knappen.

Het geheime mobieltje bevatte geen nieuwe berichten, en ze besloot om het ding nog tot de middag bij de hand te houden om eventuele berichten te kunnen wissen. Linda belde om te vragen of alles oké was en of ze nog steeds achter haar plan stond. Dat stond ze.

Om kwart voor zes hoorde Marcella de sleutel in het slot en kwam Frans binnen. Ze was geschokt door haar gevoel: niets. Dit was de man waar ze verliefd op was geweest, waar ze van was gaan houden. Daar voelde ze helemaal niets meer van. Kon dat door zoiets helemaal verdwijnen? En zo snel? Kennelijk wel.

Ze had zich voorgenomen om zo losjes en kalm mogelijk te doen en niets van haar woede te laten merken. Des te groter het effect van haar plan later. Ze beantwoordde zijn omhelzing.

“Je hebt precies tijd voor één kop koffie,” zei ze met een lieve glimlach. “Daarna is het douchen, want ik heb een verrassing voor je, zoals ik al sms’te.”

“Wat is het?” vroeg hij. “Ik ben hartstikke moe, dus ik hoop niet dat we er voor weg moeten.” Je zult nog veel vermoeider raken, dacht Marcella. Ze trok een teleurgesteld gezicht, wetend dat hij daar meestal wel gevoelig voor was.

“Ik heb het speciaal voor jou geregeld, omdat ik zo blij ben dat je weer thuis bent.”

“Lief hoor schat, daar niet van. Ik zou veel liever met je de koffer induiken.”

Hij heeft waarschijnlijk weinig te wippen gehad in Londen.

“Wie zegt dat zoiets niet bij de verrassing is inbegrepen?” Marcella had voordat Frans thuiskwam een kort rokje aangetrokken, en een bloes met laag decolleté, waarvan ze wist dat hij dat sexy vond. Samen met een paar zwarte suèdelaarzen zag ze er oogverblindend uit. Hij zou nog merken wat hij kwijtraakte. Ze bleef hem met haar hoofd een beetje schuin aankijken.

“Ach lieverd, is ook goed toch. Ik laat me wel verrassen. Zet je even een bak koffie voor me? Ga ik daarna douchen. Moeten we op tijd ergens zijn?”

“Ja, om half acht. En het is een kwartier rijden; meer zeg ik niet. Ik ga koffie voor je maken.”

Visrestaurant De rode poon was een luxe ingerichte zaak. Dieprode, dikke vloerbedekking, gedimd licht en beuken stoelen en tafels die langs de zijkanten van de ruimte waren geplaatst. In het midden was de bar, die aan de lange kant aansloot op de keuken, zodat het bedienend personeel de plates met visgerechten en begeleidend garnituur zo kon aanpakken en naar de gasten brengen. Het restaurant stond bekend om zijn verse producten, prima schotels en discrete bediening.

Marcella en Frans werden naar een hoek van het restaurant geloodst waar een tafel voor hen was gereserveerd. Frans zei niet zoveel, en Marcella kon merken dat hij het niet zo naar zijn zin had. Hij zou het liefst direct met haar het bed zijn ingedoken, maar dat zat er niet meer in. Dat wist hij natuurlijk nog niet … Ze waren met Marcella’s auto gegaan omdat hij, zoals ze zei ‘al genoeg had gereisd’.

“Mag ik wel zelf beslissen wat ik bestel? Of hoort dat bij de verrassing?” vroeg hij.

“Natuurlijk mag je dat zelf beslissen,” zei Marcella. “Het is jouw avond, lieverd. Ik trakteer.” Ze keek hem lief aan en bestudeerde zijn gezicht. Zijn iets te kleine ogen, smalle neus en licht geknepen mond. Het was verbijsterend hoe anders ze hem nu zag: alle aantrekkingskracht was verdwenen. Alsof er een laagje van hem was afgepeld, wat in wezen ook zo was.

De serveerster kwam en ze bestelden een fles wijn. Het was tien over half acht. Ze kregen elk een menukaart, proostten met hun wijnglazen en zwegen een tijdje. Marcella was als eerste gaan zitten, zodat ze de ingang van het restaurant kon zien. Frans zat met zijn rug naar de deur.

“Hoe was het in Londen?”

“Ja goed. Besprekingen, lunches, diners. Maar ik denk dat we wel een goede deal hebben gemaakt.” Kleine dingen die haar nooit eerder bewust opvielen zag ze nu. De klauwachtige manier waarop hij zijn glas bij de kelk, niet de steel, vasthield; het snelle wegkijken toen ze vroeg hoe zijn zakenreis was geweest.

Frans stond op. “Even kijken of ik nog een jongetje ben,” zei hij, en liep naar de toiletten. Marcella vroeg zich af of hij zijn seksmobieltje – zoals ze het ding in gedachten was gaan noemen – ook bij zich had, maar betwijfelde het. Dat zou hij vast te link vinden. Ze keek op haar eigen mobieltje en las het bericht van Linda. Het was kwart voor acht, en net toen Frans terugkwam van de toiletten, ging de deur van de ingang open en kwam er een jonge vrouw binnen. Marcella wist zeker dat dit een van de dames was die met Frans sms’te. Ze deed alsof ze niet keek en pakte haar mobieltje weer waarbij ze de indruk wekte dat ze druk aan het sms’en was. De vrouw zag Frans en liep met een brede glimlach op hem af. Vanuit haar ooghoeken zag Marcella Frans snel naar hun tafel – en naar Marcella – kijken, en toen naar achteren lopen; terug naar de toiletten. Ze waagde een blik in zijn richting en zag nog net de deur van de toiletten achter hem dicht vallen. De vrouw keek enigszins verrast, maar zocht toen een tafeltje van waar ze de toiletten kon zien en ging zitten. Ze zei iets tegen de serveerster, die weer vertrok. Marcella bestudeerde de vrouw. Ze schatte haar op een jaar of achtentwintig. Ze zag er vrij gewoontjes uit. Niet dat Marcella zo ingenomen was met haar eigen uiterlijk, maar ze had geen last van valse bescheidenheid en zag niet in waarom Frans haar met zo iemand zou bedriegen. Een volgende vrouw kwam binnen; ook vrij jong. Ze tuurde het restaurant in om Frans te zoeken en knikte – o ironie – vriendelijk tegen de vrouw die net was gaan zitten. Daarna nam ze plaats aan een ander tafeltje. Dit ging prima zo. Marcella’s hart klopte in haar keel van opwinding en het ze bedacht dat het lang geleden was dat ze zich zo voldaan voelde. Nu al. En de meeste lol had ze vanwege de wetenschap dat Frans ooit uit die toiletten zou moeten komen. Marcella pakte haar wijnglas op – bij de steel, zoals dat hoorde, en proostte in de lucht met zichzelf. Al zou het hierbij blijven dan was het al prachtig. Maar de rest moest nog komen. En ja hoor: eindelijk kwam Frans het restaurant weer binnenlopen. Hij keek snel in het rond, rende bijna naar de vrouw die het eerst was binnengekomen en ontdekte op zijn weg naar haar toe de andere vrouw, die hem verbaasd zat aan te kijken. Hij struikelde bijna over zijn eigen benen en het was komisch om te zien hoe hij besluiteloos, met een blik van paniek in zijn ogen, even stilstond. Toen vermande hij zich, liep door naar de eerste vrouw, sprak heel kort met heftige gebaren, ging vervolgens naar de tweede vrouw, tegen wie hij ook iets zei waarvan Marcella alleen het woord ‘echtgenote’ verstond, en wilde naar hun tafel teruggaan; net op het moment dat de deur openging en een stelletje binnenkwam, op de voet gevolgd door nog een vrouw alleen. Toen de deur bijna achter haar dichtviel, zag ze dat er nog iemand aankwam en hield de deur open voor mevrouw nummer vier. Frans stond doodstil, staarde naar de deur en Marcella dacht even dat hij een hartaanval zou krijgen. Hij draaide zich langzaam om naar Marcella en ze zag hoe de paniek zich van hem meester maakte. Hij liep naar haar toe, pakte zijn colbertje van de rugleuning van de stoel en keek haar gejaagd aan.

“Luister,” zei hij. “Ik voel me helemaal niet lekker opeens. Ik heb net overgegeven; kunnen we nu direct naar huis? Dat zijn trouwens mensen die ik van het werk ken.” Hij ratelde het er achter elkaar uit. Marcella keek hem kalm aan.

“Helemaal niet,” zei ze. “Jij gaat gewoon lekker zitten en een heerlijke visschotel met mij eten. Het is een verrassing, en die zul jij in dankbaarheid ontvangen.” Haar stem klonk wonderbaarlijk rustig: ze had verwacht dat ze bloednerveus zou zijn maar ze voelde alleen maar rust. En genoegdoening. Frans staarde haar aan en ze zou nooit de blik van haat vergeten die hij op dat moment in zijn ogen had.

“Ik ga weg,” zei hij. “Ik wacht buiten op je.”

“Je kunt lang wachten, Frans. Maar ik blijf hier eten.”

“Kom op nou, ga mee!” Hij jankte bijna.

“Ga maar alleen,” zei ze. Ze wist dat hij zou gaan: de vrouwen achter hem begonnen in beweging te komen. Hij draaide zich met een ruk om en beende het restaurant uit. In de deuropening liep hij een vijfde vrouw tegen het lijf, maar hij draaide zonder iets te zeggen om haar heen en vertrok. Er waren hooguit twee minuten verlopen vanaf het moment dat Frans de toiletten uit was gekomen, tot zijn vertrek, en de paar gasten in het restaurant hadden niets in de gaten. Alleen de serveerster keek een beetje verbaasd naar vijf vrouwen, waarvan twee nog stonden en drie elk een andere tafel hadden bezet.

Marcella sms’te naar Linda, die nog geen minuut later binnenkwam.

“Ik heb om de hoek in mijn auto zitten wachten,” zei Linda. Ze had een blos op haar wangen. “Ik deed het bijna in mijn broek van de zenuwen! En toen zag ik Frans langs rennen.”

“Rende hij?”

“Als een haas.”

Linda trok haar jas uit, hing hem over de rugleuning waar Frans daarnet zijn colbert van af had gegrist, en ging zitten.

“Hoe is het nu?” vroeg ze aan Marcella.

“Fantastisch. Misschien word ik er nog eens verdrietig om, maar nu heb ik alleen maar het gevoel dat er rechtvaardigheid geschiedt. En dat voelt erg fijn. Wijn?”

“Lekker.”

“Daar zijn ze dan.” Marcella wees met haar hoofd naar de vrouwen. De twee die stonden, maakten aanstalten om weg te gaan. De drie die aan een tafel zaten, hadden waarschijnlijk nog niet helemaal in de gaten wat er nou precies was gebeurd. Marcella en Linda grinnikten om de verwarde uitdrukking op de gezichten. Een van hen was druk aan het sms’en, een ander bleef naar de deur kijken en de vrouw die het laatst was binnengekomen zat peinzend naar het tafelkleed te turen.

“Is alles gelukt?” vroeg Marcella. Linda zette haar wijnglas neer en begon te vertellen.

“Mijn broertje heeft vier vrienden van de sportschool geregeld, van die grote spierjongens. Een van hen, Marco, heeft sloten meegenomen voor de achterdeur en de voordeur. Hij had ze in no time vervangen, terwijl de anderen de spullen uit huis haalden.”

“Niemand gezien?”

“Niemand. Het is doodstil daar bij jullie. Bij jou dus. We zijn er nog geen twintig minuten geweest; toen lag alles op een grote bult in de voortuin. Jacco, mijn broertje, heeft alles gefilmd.”

“Echt?”

“Ja, en ik heb nog iets leuks.”

“Vertel.”

“Jacco staat als het goed is nog steeds achter een stel coniferen te filmen, om de reactie van Frans vast te leggen.” Marcella schaterde het uit. De vrouw die het eerst was binnengekomen, en die Frans bij Marcella aan het tafeltje had gezien, kwam naar Marcella en Linda toe gelopen. Ze bleef vlak voor Marcella staan.

“Ben jij de vrouw van Frans?”

“Nee,” zei Marcella rustig. “Ooit wel. Maar nu niet meer.” De vrouw bleef haar een tijdje aankijken.

“O. Oké. Weet je waar hij heen is?” Ze liet zich niet zomaar wegsturen.

“Hij is even wat spullen aan het ophalen,” zei Marcella. “En ik denk dat hij daarna naar zijn moeder gaat, of een hotel.” Linda probeerde haar lachen in te houden, wat niet echt lukte.

“Dus nee,” ging Marcella verder. “Ik weet het niet. Sorry. Anders bel je hem even.”

“Heb ik geprobeerd maar hij neemt niet op.”

“Blijven proberen,” zei Marcella. “Soms verstopt hij zijn telefoon en dan hoort hij hem niet.” Linda gierde het nu uit. De vrouw keek van Marcella naar Linda en liep toen naar buiten. Na een tijdje volgden de anderen, die in de gaten kregen dat Frans waarschijnlijk niet meer zou komen opdagen. De serveerster kwam na een paar minuten bij hun tafeltje en knikte Marcella en Linda vriendelijk toe.

“Hebt u een keuze kunnen maken?” “Nou en of,” zei Marcella. “Al heeft het wel even geduurd.”