Territoriumgedrag is niet alleen aan dieren voorbehouden: wij mensen kunnen er ook wat van.

Een territorium kan op verschillende manieren voorkomen. Zo kunnen we onderscheid maken in een tijdelijk territorium en een (min of meer) permanent territorium. Een tijdelijk territorium is de plek waar we ons op dat moment bevinden en dat niet op erg bekend terrein ligt; bijvoorbeeld in een vreemd restaurant. Op deze plaatsen is het belangrijk dat iemand zich in elk geval enigszins beschermd weet, een eigen plaatsje creëert. Dat gebeurt veelal door de bovengenoemde spullen om zich heen te leggen, een jas of tas op een stoel te hangen of leggen of een houding aan te nemen die afsluitend oogt zoals het over elkaar slaan van armen en/of benen.

Ook de auto is een prachtig voorbeeld van het creëren van een eigen territorium. Omdat we met de auto continu plekken betreden die ‘niet van ons alleen’ zijn, gebruiken we de auto zelf als tijdelijk territorium. Dat we daarbij veel meer zichtbaar zijn, door de ramen in onze auto, doet niet af aan de pret. Overigens is daar ook wat op te vinden door zwaar getint glas in de ruiten van de auto te gebruiken. Wie kan bevroeden wat zich daarachter allemaal afspeelt.

Door de kunstmatige grenzen die we aanbrengen met behulp van de ons omsluitende auto, is het ons mogelijk om ons enigszins veilig en vertrouwd te voelen op onbekend terrein. Hoewel dit ook overdreven kan worden natuurlijk: ik heb bij mensen in de auto gezeten die normaal gesproken als zachtaardige, bescheiden mensen door het leven gingen en die, eenmaal in de auto gezeten en zich in het verkeer voegend, zich als ware duivels ontpopten, met veel obscene gebaren, vervloekingen en scheldwoorden naar hun medeverkeersdeelnemers. Want buiten het gegeven dat een auto ons omsluit, maakt deze ons ook in een andere zin ‘onkwetsbaar’: we kunnen er snel mee wegkomen. Over veiligheid gesproken.

Een hond markeert zijn territorium door tegen verschillende objecten te plassen. De mens door dingen neer te leggen of zetten. Zoals de dominante of overheersende hond over de plekjes van andere honden heen markeert, zo doen sommige mensen dat door hun jas over een andere jas heen te hangen terwijl ernaast nog genoeg plaats is op de kapstok, door hun tas, schrijfblok, boek of iets dergelijks geheel of gedeeltelijk over andermans spullen te leggen, maar ook door hun stem luider te laten klinken dan die van anderen, meer en nadrukkelijker te bewegen dan anderen en door veel geluid te maken zoals snuiven, hoesten, niezen, ritselen met papier enzovoort. Wat eigenlijk gezegd wordt is: “Ik betwist jouw plaats”.

Indien dit nog een stapje verder gaat, zoals bij sommige zeer dominante mensen, kan het gebeuren dat iemand de handdoek gaat gebruiken van degene die hij wil domineren. Of ‘per ongeluk’ de jas van iemand anders aantrekken..

Persoonlijk territorium en afstanden

Alleen al uit de afstand die mensen tot elkaar bewaren of juist niet bewaren- kun je enorm veel afleiden met betrekking tot de stemming, de emoties, het respect, verlangen, aantrekkingskracht en de eventuele afkeer van die mensen. Dat de afstand die mensen in verschillende situaties tot elkaar bewaren per cultuur verschillen maakt het voor ons, die dit willen bestuderen en interpreteren, een beetje moeilijker. Toch zijn er bepaalde generalisaties te maken, vooral wanneer we niet zozeer op de gemeten afstand op zich letten maar meer op de veranderingen in afstand en de wederzijdse acties en reacties van de betrokkenen inzake die afstand.

We laten mensen al dan niet in ons persoonlijke territorium (een niet algemeen nader te bepalen cirkel om ons heen) toe, naarmate ons vertrouwen in die mensen varieert. Afgezien van ons gevoel of onze emoties met betrekking tot degene met wie wij in contact zijn, bestaat er ook een heel stelsel van sociale afspraken die weliswaar nergens zijn vastgelegd, maar waarvan we met elkaar vrij goed aanvoelen hoe deze afspraken dienen te worden gerespecteerd. Wanneer wij onze geliefde toespreken terwijl we bijna met de neuzen tegen elkaar aan staan, kijkt niemand daar vreemd van op. Grote hilariteit echter, wanneer we dat doen bij de ambtenaar in het gemeentehuis die ons rijbewijs verlengt. Bij de ene persoon kom je dus dichter in de buurt en bij de andere bewaar je wat meer afstand. Andersom zorg je dat de ene persoon meer afstand tot jou bewaart dan de andere. Daarbij komt, dat het vaak een kwestie van gevoel is; bijna niemand kan exact aangeven welke afstand tussen zichzelf en de ander precies de sociale zone aangeeft, maar praktisch iedereen weet, voelt, wanneer deze afstand te klein of te groot is. Belangrijk voor ons is, om te weten wat het al dan niet respecteren van deze afstand betekent en wat de gevolgen hiervan kunnen zijn.

Je kunt je wel voorstellen

Wat geldt voor het betreden van nieuwe, onbekende ruimtes, geldt voor een groot gedeelte ook voor een eerste ontmoeting tussen mensen. De wijze waarop mensen zich aan elkaar voorstellen en welke lichamelijke signalen daarbij worden uitgewisseld, kan veel vertellen over de persoonlijkheid van deze mensen, hun stemming en het verdere verloop van het samenzijn. Hierbij kun je letten op de afstand die mensen tot elkaar bewaren, de manier waarop ze handen schudden of omhelzen, het volume waarmee ze spreken, de snelheid waarmee ze (beginnen te) spreken, enzovoort.

Degene die erg dicht bij komt staan, snel begint te spreken, uitgebreid en veelvuldig gebaart en een handdruk geeft waarbij de hand met de rug naar boven en de palm naar beneden is gericht (vaak komt zo’n hand ook als een neerstortend vliegtuig aangeraasd) waardoor het lijkt alsof deze hand iets naar onderen wil duwen, geeft een bepaalde boodschap door: de boodschap van intimidatie. Dit gebeurt praktisch altijd uit angst om niet voor vol aangezien te worden of niet genoeg opgemerkt te worden, hetgeen veelal voortvloeit uit een minderwaardigheidsgevoel. De zonet beschreven houding en handdruk past beter bij een man die zijn shirt flink open heeft staan, een staartje in het haar heeft en het liefst wat sieraden om hals en vingers, dan bij iemand in een muisgrijs kostuum, keurig gekapt en een bril met gouden montuur, om het maar eens in stereotypen te zeggen. Echt leuk wordt het natuurlijk wanneer de stereotypen geloochend worden en mensen precies datgene doen, wat ‘niet bij hen past’.

Over de handdruk valt wel meer te zeggen. Een slap handje kan krachteloosheid uitdrukken maar ook desinteresse. Een krachtige handdruk kan een krachtige persoonlijkheid aanduiden maar ook de wens tot imponeren. En een handdruk waarbij je alleen de vingers van de ander krijgt te voelen, duidt op een ‘doktershand’, op een totaal gebrek aan interesse of op angst, vooral wanneer de vingers razendsnel weer worden teruggetrokken.

De snelheid waarmee de handdruk plaatsvindt is ook van belang. Even vlug een hand geven en dan gauw weer terugtrekken heeft meer te maken met het verplicht voelen om je voor te stellen dan met de wens om dit te doen. Sommige mensen blijven gewoon zitten en steken hun hand over hun schouder naar achteren om iemand de hand te schudden. Een groter gebrek aan respect en interesse is nauwelijks denkbaar.

Verder kun je letten op zaken als het aankijken bij het handenschudden en hoe lang dat gebeurt. Slaat iemand, na een vluchtig aankijken, snel de blik weer neer? Of blikt iemand je strak in de ogen; priemt je als het ware vast met haar blik? Sommige mensen maken zich iets langer bij het voorstellen, anderen iets kleiner.

Grijpgraag

Bij het handenschudden zijn verschillende ‘bijgebaren’ mogelijk. Zo kan iemand de pols vastpakken met de nog vrije hand bij het voorstellen, of de elleboog of de schouder. Hoe hoger wordt gegrepen, met de schouder als hoogste punt en de rug van de hand als laagste punt, hoe meer iemand het gevoel van vertrouwelijkheid wil opwekken of een gevoel van hartelijkheid en welkom zijn.

Tips

In het gesprek met anderen kun je door een stapje terug te doen, enige ruimte scheppen waardoor de ander zich meer op zijn gemak voelt. Te veel afstand echter, komt weer te onpersoonlijk over. Vaak is het gewoon een kwestie van uitproberen hoe zoiets door verschillende personen wordt ervaren, waarbij het nuttig is om goed op de reacties van de ander te letten. Wanneer je merkt dat iemand telkens een beetje terugdeinst, kun je vermoeden dat jij te dichtbij komt en wanneer iemand telkens naar je toebuigt of loopt, kun je vermoeden dat jij te veraf bent.

Degene die zijn of haar jas over de jouwe hangt terwijl er genoeg ruimte op de kapstok is, wil iets duidelijk maken (vaak onbewust). Meestal is dat “Ik wil niet dat jij boven mij staat” of: “Ik wil jouw macht of autoriteit aantasten”. Hetzelfde geldt voor het ‘per ongeluk’ meenemen van jouw spullen of het aantrekken van jouw kleding of schoenen (wederom ‘per ongeluk’), het vaak en luidruchtig onderbreken of overstemmen van jouw relaas en het plaatsen van spullen (of zichzelf) op de plaats waar jij zat of stond. Vaak helpt het om enige aandacht aan zo iemand te schenken en jezelf een beetje kwetsbaar op te stellen door bijvoorbeeld een blunder of vergissing toe te geven. Het is uiteindelijk wel surrogaat (de ander verandert er per slot van rekening niet door maar is even gesust: je bent op dat moment niet zo’n gevaar meer) maar het geeft jezelf rust.

Mensen die zich onzeker voelen in een ruimte waar jij je op je gemak voelt, kun je tegemoetkomen door ze iets aan te bieden: een folder, een kop thee of koffie of iets dergelijks. Vaak helpt het ook om even een kort praatje met zo iemand te houden, waarna je weer verder kunt en zij ook.

Mensen die een dominante handdruk hebben (palm naar beneden, veel kracht zetten), geven vaak onbewust de boodschap: “Zie, voel, hoor en accepteer mij. Laat me er alsjeblieft bij horen.