Onder de modekreten ligt puur goud
Als communicatieman krijg ik de meest uiteenlopende opdrachten en mede dat maakt mijn werk zo boeiend en leuk. Een van de situaties waar ik regelmatig mee te maken krijg als het om bedrijfscommunicatie gaat is iets wat ik ‘termovertolligheid’ ben gaan noemen (een samentrekking van termen en woordovertolligheid). Het woord betekent exact wat het zegt: een teveel aan termen.

Out of the box bilateraaltjes
Aangezien communicatie alles vertelt over onderliggende processen, kun je aan iemands taalgebruik,  woordkeuze en zinsbouw veel horen over zijn onderliggende motivaties en idee over het onderwerp dat besproken wordt. We hebben het over zaken en de taal die daarbij wordt gebezigd. De afgelopen decennia is er een gigantische hoeveelheid nietszeggendheden en interessantdoenerij ontwikkeld in het zakenleven en daarbuiten. Veel onderzoekers hebben zich gebogen over dit verschijnsel maar de reden waarom men ‘bilateraaltje’ is gaan gebruiken in plaats van bespreking of overleg: daar is niet zo heel veel over bekend. De meeste verklaringen houden het op een mix van verveling en interessantdoenerij.

Wij zijn aparter
Ik denk dat het te maken heeft met de wens zich te onderscheiden. In het zakenleven, en ook in de reclame is het van groot belang je te onderscheiden: de concurrentie is moordend. En in de ijver zich voortdurend van de concurrent te onderscheiden slaan sommigen compleet door en veranderen zo ongeveer alles in hun bedrijf, behalve hun product of dienst, de manier waarop ze het verkopen en de service die daarbij komt. Op die manier ontstaat een wolk van vervagingen rond wat eerst duidelijk en concreet was. En dat moet vervolgens geborgd worden, als nieuwe inclusie. Onder die wens zich te onderscheiden gaat vaak een gevoel van minderwaardigheid schuil: wie zijn we en wat blijft er over wanneer we al die kreten weghalen? Zijn we dan nog interessant, boeiend, goed en concurrerend genoeg?

Verantwoordelijkheid
Al die vervaging heeft in elk geval een winstpunt (voor wie dat zo wenst te zien althans) en dat is dat praktisch niemand meer de verantwoordelijkheid hoeft te nemen. Immers: wanneer je het hebt over een ‘hands-on approach’, ‘bruggenbouwers’ en ‘track records’ klinkt het allemaal geruststellend zakelijk en komen de klappen niet zo hard aan. Dan heet een probleem ‘uitdaging’, een fout wordt ‘onderzoeksresultaat’ genoemd en blunders kunnen worden ondergebracht in de geruststellende warmte die ‘leercurve’ heet. Heerlijk toch? Niemand treft enige blaam.

Uitdaging
Maar als ik je nu vraag je bedrijf / dienst in één of twee zinnen samen te vatten, in helder Nederlands, zonder blabla: wat blijft er dan over? Wanneer je alle managementspeak uit je missie en visie haalt, hoe ziet je bedrijf er dan uit?
Sommigen komen er achter dat ze datgene wat er overblijft niet interessant genoeg vinden. Waar zo iemand dan eigenlijk achterkomt is dat zijn/haar bedrijf voor een deel bestaat bij de gratie van een paar interessante termen. Wellicht is het dan hoog tijd om iets aan je product of dienst te gaan doen.

Uit de vastloper
Wanneer een bedrijf aan het vastlopen is, stroef gaat, niet stroomt, kom ik in de interne zowel als externe communicatie praktisch altijd een paar terugkerende aspecten tegen die blokkades veroorzaken. Een van die aspecten is inderdaad het taalgebruik onderling en naar buiten toe. Een vuistregel is: hoe meer vakjargon, buitenlandse termen en mode-uitdrukkingen worden gebruikt, des te meer de werkelijke missie en visie van het bedrijf verstopt ligt.

Wakker
Er is al veel geschreven over taalgebruik en communicatie binnen bedrijven en veel bedrijven zijn er ook mee opgehouden, tot grote opluchting van kun klanten en ter meerdere glorie van hun omzet. Ook is het rare taaltje dat sommige managers hanteren al vaak op de hak genomen, met prachtige resultaten van dien en leidend tot een geheel nieuw spel: de ‘bullshitbingo’( Hier te vinden).

Eenvoudig te herstellen
Geluk bij een ongeluk is dat juist dit aspect het meest eenvoudig is te verhelpen: breng de taal intern en extern terug naar de kern, zet alle overbodige troep overboord en je geeft je zaken weer frisse lucht, ruimte en licht waardoor alles weer lekker doorstroomt.

De paniek van die ene manager die juist zo lekker zijn ding deed, alles handjes en voetjes aan het geven was en borgend bezig met een diepgaande herconceptualisering neem je op de koop toe. Een welgemeend: “En nu weer gewoon aan het werk!” doet vaak wonderen.

Termenbezem
Ik zou zeggen: ga er eens met de termenbezem doorheen of, als je dat moeilijk vindt omdat je zelf al die termen met veel moeite bij elkaar hebt gebilatereerd, vraag iemand om het voor je te doen. Ik denk dat je blij verrast zult zijn.

Zoals een bevriende slager eens zei: “Ik verkoop worst, geen aanvalsstrategieën. De klant proeft een plakje worst, vindt dat lekker en koopt vervolgens meer van die worst. Daar leef ik van. Niet van keurmerken die in ellenlange procedures bij elkaar vergaderd worden.”

Als je die uitspraak kunt vertalen naar je eigen zaak, zit je goed.